Peels boerenverstand op weg naar eurozetel



ODILIAPEEL - “We zitten net aan de koffie” In zijn korte boks en op zijn sokken maakt hij de deur open en hij stinkt naar de varkens. Niet echt het voorkomen van een Europarlementariër, maar dat is Wyno ook nog niet. Voorlopig is Wyno nog gewoon varkensboer in de Peel, maar hij wil Europa in.

Wyno staat nummer 12 op de lijst en er zitten nu maar 3 voor de VVD in het Europees parlement. “Ik heb twintigduizend voorkeursstemmen nodig.” Hij lacht. “Nee, dat red ik in de Peel niet.” Hoeveel had hij er bij de gemeenteraadsverkiezingen? 35! Oeps, dat wordt een lastig verhaal.


Wyno Zwanenburg

Heeft hij wel al een pak en stropdas? “Ja, maar een stropdas draag ik niet zo vaak.” Een pak dus wel, maar Wyno Zwanenburg is natuurlijk niet de eerste de beste varkensboer. Of juist wel, want hij was zeven jaar lang de leider van de NVV. Als lobbyist kwam hij Den Haag en ook in Brussel. Nee, lacht Wyno, hij gaf de parlementsleden geen lekker karbonaadje, maar hij weet dat ‘lobbyen’ een negatieve klank heeft. Lobbyen is gekleurde informatie geven, legt hij uit. De parlementariër bepaalt vervolgens wie hij gelooft, want zelf weten ze niet zo veel. “Daar heb ik me over verbaasd. Die mensen leven echt in een andere wereld, zo ver van de praktijk.”

Wyno staat nog met beide benen in de praktijk. In de varkenspoep om precies te zijn, maar zijn zeugen vinden het heerlijk. “Er zijn mensen die het slechter hebben”, zegt Wyno die vindt dat Nederland best wat trotser mag zijn op de varkenshouderij. “Landen als China of Korea, komen hier kijken hoe wij het hier doen. Daar laten ze bij wijze van spreken mest nog gewoon in de sloot lopen, maar dat kan niet meer als ze daar meer varkensvlees gaan eten.” Hij legt uit hoe zijn zeugen automatisch voer krijgen en hoe zieke dieren herkent, want die liggen aan de kant en kruipen in elkaar net als mensen die in de foetushouding gaan liggen. Want het recht van de sterkste geldt in de stal en als nieuw zeugje kun je beter niet in de weg gaan staan van het grootste varken van de stal, want die is de baas. Of het Europees Parlement zo ook werkt? Wyno knikt: “Je moet ook daar eerst je plek leren kennen. Niet als Don Quichot denken: ‘dat ga ik wel even veranderen’. De kunst in Brussel is om medestanders te krijgen. Er gebeurt daar heel veel in de wandelgangen en onder het lunchen of zoals wij het zeggen ‘onder de boterham’. Het is mensenwerk en gunnen, maar het moet natuurlijk wel kloppen.”

Heeft hij al een spindoctor? Wyno knikt. “Mijn neef Tom is mijn klankbord en campagneleider. Voor zijn studie journalistiek volgt hij mij voor een documentaire. Hij is pas met mee geweest naar Den Haag voor campagneoverleg, want er zijn spelregels. Ik mag bijvoorbeeld geen posters ophangen met mijn gezicht, maar er is wel een poster met een spreuk die specifiek op mij slaat: ‘Brussel kan wel wat boerenverstand gebruiken’.”

Bron : Kliknieuws